Richten, Inrichten, Verrichten: 'Het Kruimelspoor'


In de hoeveelheid aan werkzaamheden, veranderingen, doelen, taken enzovoorts raken collega's en medewerkers makkelijk het spoor bijster. En juist 'Het Kruimelspoor' is een van de belangrijkste taken van u als directeur of leidinggevende, zodat uw organisatie het spoor kan volgen met . Beter nog, dat zij met elkaar 'Het Kruimelspoor' hebben uitgezet, dan zit het eigenaarschap ingebakken!


  • Richten: Strategisch, lange termijn, de toplaag en de Waarom van 'Het Kruimelspoor'. Dit zijn de mijlpalen die je wilt of moet halen, de 'stepstones' waarover de organisatie loopt. Die mijlpalen worden ingedeeld in vier kwadranten:

  1. Innovatie, flexibel en extern gericht: Wat zijn de ontwikkelingen op de markt, waarop kunnen, moeten of willen we inspelen? Wat voor netwerken hebben we daarvoor of moeten we creëren?

  2. Realisatie, beheersing en extern gericht: Hoe kunnen we een zo best mogelijke klantbeleving realiseren? Met de beste producten en diensten en een ongeëvenaarde service?

  3. Structuur, beheersing en intern gericht: Hoe zorgen we ervoor dat we onze boel intern op orde hebben? Financiën, kwaliteit, compliance, projectcoördinatie, HR enz.

  4. Cultuur: flexibel en intern gericht: Hoe zorgen we ervoor dat we capabele en gemotiveerde medewerkers hebben, die kunnen en willen?


  • Inrichten: Tactisch, middellange termijn, het Hoe van het Kruimelspoor. Wat moet er organisatorisch en projectmatig geregeld worden om de hogere doelen te realiseren? Hier staat het project- en programmamanagement centraal. Afhankelijk van de situatie en de branche wordt er meer of minder gebruik gemaakt van verschillende projectmanagementsystemen, zoals Agile en Scrum.


Verrichten: Operationeel, korte termijn, het Wat en Wie van het Kruimelspoor. Hier worden namen en rugnummers genoemd, taken gedelegeerd en uitdagingen aangegaan. De crux van het hele bovenstaande verhaal is om op dit niveau te kunnen excelleren. De twee bovenliggende niveaus zijn er om een betekenisvolle context te creëren, zodat de medewerkers weten Waarom en Hoe er Waaraan gewerkt moet worden. Deze context stuurt het gedrag op de werkvloer.

Andersom moet de werkvloer de bovenliggende lagen beïnvloeden, zodat de ervaring van de werkvloer terugkomt in de strategie.

Hier wordt het Kruimelspoor realiteit: Wat werkt wel, wat werkt niet, wat moet er anders? Door constant te evalueren (met de PDCA-cyclus: Plan-Do-Check-Act) kan er ook creatief telkens bijgestuurd worden. Niet per se hele grote passen, maar stap voor stap vordering maken, leren, aanpassen, weer een stap, weer leren enzovoorts.


  • Berichten: Wie moet wanneer van wat waarom afweten? De meest gehoorde klacht in bijna elke organisatie: de communicatie. Daarom is het van belang bij elke vergadering een klein communicatieplan in de vorm van een mindmap te maken.